Burgers en industrie

Home / Burgers en industrie    |    Terug

Tijdvak 8: 1800-1900

De negentiende eeuw was een eeuw van industrialisatie en moderniseringen in de steden.  De ontwikkeling en groei van de industrie zorgde voor automatisering waardoor er op steeds grotere schaal geproduceerd kon worden. Veel mensen konden nu werk vinden in de fabrieken in de stad en hierdoor groeide het bevolkingsaantal snel. Dit zorgde vaak ook voor nadelige gevolgen: het leven in de vaak drukke steden was ongezond en ziektes konden zich snel verspreidden. In Engeland ging dit proces heel snel en wordt het een industriële revolutie genoemd. In Nederland kwam dit proces pas later op gang in de negentiende eeuw en ging het niet zo snel als in Engeland. Nijmegen zou pas in het laatste kwart van de negentiende eeuw aanhaken.

Industrialisatie
In de negentiende eeuw begonnen veel bedrijven te moderniseren. Ze gingen bijvoorbeeld stoommachines gebruiken en er werden nieuwe technieken ingevoerd. Een voorbeeld van zo'n bedrijf is de zeepfabriek Dobbelman die in 1895 in Bottendaal werd geopend.
Voor de Nijmeegse handel was de Waal altijd al belangrijk geweest. Tot begin negentiende eeuw werden producten vooral vervoerd met zeilschepen. Vanaf dat moment werd er steeds vaker gebruik gemaakt van stoomkracht, in de scheepvaart, op het spoor en in de bedrijven.
In 1865 werd een spoorlijn naar Kleef geopend, met een station ongeveer op de plek waar nu concertgebouw De Vereeniging staat. Bij het Valkhof staat een monument ter herinnering aan de opening van deze eerste spoorlijn. 
In 1825 werd de eerste Nijmeegse stoombootmaatschappij opgericht. De maatschappij begon met de stoomboot 'Willem de Eerste'. Deze voer driemaal per week naar Rotterdam en Den Haag. Het stoomschip was veel groter dan de zeilschepen en de reistijd veel korter.

Sociale kwestie
Met de industrialisatie werd de gezondheidssituatie in de stad slechter en kwam Nijmegen met verschillende maatschappelijke problemen in aanraking zoals kinderarbeid en slechte woon- en werkomstandigheden. Veel Nijmegenaren werden ziek omdat de stad erg vies was. Vooral de armen leefden in een ongezonde omgeving. Zieken zonder geld konden nergens terecht voor zorg. Vanaf 1850 kwam hier verandering in. Er kwamen discussies over de 'sociale kwestie', de maatschappelijke en politieke problemen. Er werden twee ziekenhuizen geopend: een protestants ziekenhuis aan de Jodenberg en een katholiek ziekenhuis aan de Pauwelstraat. Om een einde te maken aan de ongezonde woonsituatie werden verschillende verenigingen opgericht, die betere woningen gingen bouwen. Nijmegen werd in deze periode ook een stuk schoner. Er kwam een overdekt riool en de stad ging ongedierte bestrijden. Daarnaast bouwde Nijmegen een waterpompstation en werd een begin gemaakt met het aanleggen van waterleidingen. Zo kon de stad haar inwoners van schoon drinkwater voorzien. Daarnaast werden er vaker onderzoeken ingesteld om de werkomstandigheden in de gaten te houden en deze te verbeteren. 

Geschiedenislokaal024

Burgers en industrie

Omschrijving

Tijdvak 8: 1800-1900

De negentiende eeuw was een eeuw van industrialisatie en moderniseringen in de steden.  De ontwikkeling en groei van de industrie zorgde voor automatisering waardoor er op steeds grotere schaal geproduceerd kon worden. Veel mensen konden nu werk vinden in de fabrieken in de stad en hierdoor groeide het bevolkingsaantal snel. Dit zorgde vaak ook voor nadelige gevolgen: het leven in de vaak drukke steden was ongezond en ziektes konden zich snel verspreidden. In Engeland ging dit proces heel snel en wordt het een industriële revolutie genoemd. In Nederland kwam dit proces pas later op gang in de negentiende eeuw en ging het niet zo snel als in Engeland. Nijmegen zou pas in het laatste kwart van de negentiende eeuw aanhaken.

Industrialisatie
In de negentiende eeuw begonnen veel bedrijven te moderniseren. Ze gingen bijvoorbeeld stoommachines gebruiken en er werden nieuwe technieken ingevoerd. Een voorbeeld van zo'n bedrijf is de zeepfabriek Dobbelman die in 1895 in Bottendaal werd geopend.
Voor de Nijmeegse handel was de Waal altijd al belangrijk geweest. Tot begin negentiende eeuw werden producten vooral vervoerd met zeilschepen. Vanaf dat moment werd er steeds vaker gebruik gemaakt van stoomkracht, in de scheepvaart, op het spoor en in de bedrijven.
In 1865 werd een spoorlijn naar Kleef geopend, met een station ongeveer op de plek waar nu concertgebouw De Vereeniging staat. Bij het Valkhof staat een monument ter herinnering aan de opening van deze eerste spoorlijn. 
In 1825 werd de eerste Nijmeegse stoombootmaatschappij opgericht. De maatschappij begon met de stoomboot 'Willem de Eerste'. Deze voer driemaal per week naar Rotterdam en Den Haag. Het stoomschip was veel groter dan de zeilschepen en de reistijd veel korter.

Sociale kwestie
Met de industrialisatie werd de gezondheidssituatie in de stad slechter en kwam Nijmegen met verschillende maatschappelijke problemen in aanraking zoals kinderarbeid en slechte woon- en werkomstandigheden. Veel Nijmegenaren werden ziek omdat de stad erg vies was. Vooral de armen leefden in een ongezonde omgeving. Zieken zonder geld konden nergens terecht voor zorg. Vanaf 1850 kwam hier verandering in. Er kwamen discussies over de 'sociale kwestie', de maatschappelijke en politieke problemen. Er werden twee ziekenhuizen geopend: een protestants ziekenhuis aan de Jodenberg en een katholiek ziekenhuis aan de Pauwelstraat. Om een einde te maken aan de ongezonde woonsituatie werden verschillende verenigingen opgericht, die betere woningen gingen bouwen. Nijmegen werd in deze periode ook een stuk schoner. Er kwam een overdekt riool en de stad ging ongedierte bestrijden. Daarnaast bouwde Nijmegen een waterpompstation en werd een begin gemaakt met het aanleggen van waterleidingen. Zo kon de stad haar inwoners van schoon drinkwater voorzien. Daarnaast werden er vaker onderzoeken ingesteld om de werkomstandigheden in de gaten te houden en deze te verbeteren. 

Trefwoorden

kaarten
vervoer
handel
stadsuitbreiding
sociale kwestie
katholicisme
industrialisatie